| Locatie | Bibliotheek Voerendaal |
| Categorie | Volwassenen |
| Lezing Muziek | |
| Prijzen |
|
| Download | Toevoegen aan agenda |
In de Barok was de klavecimbel niet alleen het toetsinstrument voor de begeleiding, maar de klavecimbel werd ook gebruikt als solo-instrument. Echter had dit weinig kracht en men kon er niet hard of zacht op spelen. Componisten in die tijd, waaronder Bach waren niet enthousiast, de snaren waren op hout gespannen, de klank was niet groot en het instrument was meteen ontstemd.
En toen vond rond 1700 Bartholomeus Cristofori in Florence de piano uit.
Tijdens zijn leven werd de piano steeds beter en kreeg hij ook de naam "Forte piano" (forte = sterk, piano = zacht).
Maar de belangrijkste ontwikkeling was de uitvinding van het pedaal, echter duurde dit tot 1780. Door het pedaal in te drukken, kwamen de dempers van de snaren en bleef de toon doorklinken. En toen vond de Zwitser John Broadwood in 1790 het gietijzeren frame uit. De toon bleef vanaf dat moment veel langer stabiel en door meer spanning op de snaren te zetten werd de klank luider.
Deze interessante ontwikkeling met ongekende mogelijkheden hoort u in deze lezing terug bij Mozart en Beethoven.
De reeks wordt gegeven door musicus en voormalig directeur van de muziekschool Pierre Rietrae. Tijdens de lezing ga je vooral genieten! Je krijgt achtergrondinformatie, details en wetenswaardigheden te horen. Neem goede oren mee, want noten lezen of voorkennis is niet nodig!